Woning H te WP

DnA architecten ingenieurs

Gevel© Tim Van de Velde

Gevel© Tim Van de Velde

Perceel met oude hoeve© DnA architecten ingenieurs

Werffoto van de overstroombare kruipkelder© DnA architecten ingenieurs

Werffoto van de overstroombare kruipkelder© DnA architecten ingenieurs

Inplanting© DnA architecten ingenieurs

Gevels© DnA architecten ingenieurs

Grondplan© DnA architecten ingenieurs

Snede langsrichting© DnA architecten ingenieurs

Snede dwarsrichting© DnA architecten ingenieurs

Watertoetskaart

Architect
DnA architecten ingenieurs
Naam project
Woning H te WP
Ligging
Wortegem-Petegem, deels in mogelijk overstromingsgevoelig gebied
Toepassing
Nieuwbouw
Type
Residentieel, eengezinswoning
Maatregelen
Overstroombare kruipkelder (sleuffundering + kruipkelder), terugslagkleppen
Opgelegde maatregelen?
Neen
Fase
Voltooid (2007)

Waar?

“Het project ligt op een perceel van 11 000 m² in Wortegem-Petegem, dat licht afhelt naar achter en op de watertoetskaart gedeeltelijk is ingekleurd als mogelijk overstromingsgevoelig gebied. De omgeving is zeer landelijk. De overkant van de straat is landbouwgebied. Tussen het perceel en de buurman loopt een doorgang voor tractoren. Aan beide zijden van de straat ligt een gracht.”

“Toen de bouwheer het terrein enkele jaren geleden kocht, stond er een oude hoeve op die in de loop der jaren meermaals onder water was gelopen. Gezien de slechte bouwfysische staat en de risico’s op blijvende wateroverlast, werd besloten de oude constructie af te breken en een nieuwe waterbestendige woning te bouwen.”

 

Waaraan is de wateroverlast op het terrein te wijten?

“De oorzaak van de wateroverlast op het perceel is dubbel. De voorbije jaren werden heel wat percelen in de omgeving opgehoogd. Daardoor ligt de nulpas van de oorspronkelijke bebouwing circa 50-60 cm lager dan de nulpas van de nieuwbouwconstructies en ondervinden de lager gelegen percelen en bebouwing overlast van hemelwater dat afvloeit van de hoger gelegen terreinen.”

“De huidige woning stond kort na de verhuizing met de sokkel in de modder ten gevolge van een modderstroom van hoger af. Aan de overzijde van de straat ligt een groot veld dat schuin afhelt naar de straat. Als de boer het veld in de verkeerde richting ploegt, ontstaat een risico op wateroverlast. Bij een hevige regenbui neemt het water dat van het veld afvloeit aarde mee. Op het ogenblik dat de grachten langs de straat het hemelwater niet meer kunnen slikken, loopt het perceel van de bouwheer onder.”

“De bouwheer was bij de aankoop van het perceel op de hoogte van de problemen met water, maar wist ook dat de gemeente grote inspanningen leverde om de grachten vrij te krijgen. Sinds die ene modderstroom is er geen wateroverlast meer geweest.”

 

Legde de gemeente voorwaarden op?

“Het perceel is slechts gedeeltelijk ingekleurd als mogelijk overstromingsgevoelig gebied. Hoewel alle huizen in de straat al te kampen hadden met wateroverlast, eiste de gemeente geen compenserende maatregelen. De waterbestendige ingrepen die wij hebben genomen, zijn gebaseerd op kennis van de situatie en op gezond verstand.”

 

Welke maatregelen hebt u genomen?

“Van bij de aanvang stelde de bouwheer duidelijk dat een terreinophoging voor hem geen optie was. Hij had daarvoor twee redenen. Een: hij wou de overstromingsproblematiek niet verleggen naar lager gelegen terrein door zijn eigen terrein op te hogen, hoewel enkele omwonenden dat wel hebben gedaan. Twee: hij wou het maaiveld op de oorspronkelijk pas houden omwille van de waardevolle vegetatie op het perceel. Uiteindelijk hebben we in overleg besloten om de woning verhoogd te bouwen op een overstroombare kruipruimte. Zo krijg je vanuit het huis het aangename effect dat je een beetje boven het maaiveld zit.”

“De nulpas van de woning ligt ongeveer een meter boven het maaiveld. Het straatniveau ligt ten opzichte van de nulpas van de woning op -22cm. De woning ligt dus lager dan de straat. Op de afvoeren hebben wij de nodige terugslagkleppen geplaatst en achteraan de woning hebben wij een grote zwemvijver laten aanleggen.”

 

Hoe zit de structuur in elkaar?

“De woning is gefundeerd op een overstroombare kruipkelder met niet-waterdicht afgewerkte wanden, waarin op regelmatige afstand verluchtingsopeningen zitten. Eventueel overstromingswater kan daardoor langs de ene kant de kruipkelder instromen en er langs de andere kant weer uitstromen. Voor de rest gaat het om een traditionele massiefbouw met een façade in geelbruine parementsteen. De buitenzijde van de kruipkelder is uitgevoerd in zichtbeton.”

 

Hoe zit het rioleringsplan in elkaar?

“Het zwart en grijs water zijn aangesloten op een IBA, een individuele behandelingsinstallatie voor afvalwater. Het hemelwater is aangesloten op een hemelwaterput. De overloop van de hemelwaterput loopt naar een open gracht. Op de afvoeren zitten de nodige terugslagkleppen.”

 

Wanneer werd het project opgeleverd?

“Het dossier voor de bouw van de woning is opgestart in 2005. De bouwaanvraag werd in december 2005 uitgereikt en in 2007 vond de voorlopige oplevering plaats.”

 

Hebt u nog projecten gerealiseerd in overstromingsgevoelig gebied?

“Ja. In Avelgem hebben wij een woning gerealiseerd in overstromingsgevoelig gebied. Tijdens de opmaak van het dossier werd het perceel getroffen door een overstroming ten gevolge van een wolkbreuk. Wij hebben toen het niveau van de nulpas van de woning 35 cm verhoogd. De onderzijde van de betonplaat van het gelijkvloerse niveau zit daarmee net boven het niveau van het water bij de wolkbreuk.”

“In Oostakker hebben wij een woning gerealiseerd in een straat die kampt met wateroverlast ten gevolge van een hoge grondwaterstand. Onder die woning zit een waterdichte kelder. Een belangrijk aandachtspunt daarbij is de inplanting van de verluchtingsopeningen, om indringend water te voorkomen. Wij hebben die niet in de muren van de kelder gestoken, maar gekozen voor een verluchtingsbuis doorheen het plafond van de kelder en de muren van de gelijkvloerse verdieping, die boven het plafond van het gelijkvloerse niveau op een waterveilig niveau uitkomt.”

“Bij de inplanting van een woning in overstromingsgevoelig of waterziek gebied vertrekken wij in eerste instantie vanuit het gezond verstand: hoe houd je de voeten droog. Dat doen we ook als de gemeente minder strenge voorwaarden oplegt dan we zelf geschikt vinden.”